GRIT! Waals-Brabantse wouden

  • IMG_6866
  • IMG_8409
  • IMG_6996
  • IMG_7012
  • IMG_6477
  • IMG_7036
Afstand

131 kilometer

Offroad

56 %

Hoogtemeters

2100 meter

Moeilijkheidsgraad

Hoog

Routebouwer

Pieter Stockmans

GPX-bestand Download GPX

Waar de Brabantse Wouden terugvechten

Twee jaar geleden kregen de Brabantse Wouden de titel van Nationaal Park, maar voorlopig alleen in Vlaanderen. Toch slingeren er ook aan Waalse kant versnipperde puzzelstukjes oerwoud rond. Waar de gewesten talmen, trok Grit! zelf de lijn: een corridor die alles verbindt tot één epische tocht over een lappendeken van donkere bossen en open velden. Maar een rechte lijn is het allerminst. Want let op: deze route vraagt lef, uithouding en zin voor avontuur.

Tekst, foto’s en route: Pieter Stockmans

Disclaimer

Deze route is er eentje voor durvers, doorbijters en mensen die houden van een flinke uitdaging. Ze is lang, zwaar, soms ruw, traag en verbluffend mooi. Eigenlijk hadden we ze net zo goed ‘de Waals-Brabantse Wouden Challenge’ kunnen noemen, want wie dit in één dag uitrijdt, mag zichzelf gerust een topper noemen.

(Lees verder onder de foto’s)

Lang en zwaar

Bekijk het hoogteprofiel. Meer dan dertig klimmetjes die elkaar zonder pauze opvolgen. Klimmen, dalen, weer klimmen, weer dalen, steeds opnieuw. De bossen liggen op steile flanken en valleien langs de Dijle en de Lasne. Zware inspanningen en slechts korte adempauzes. 130 kilometer, goed voor meer dan 2000 hoogtemeters. En dat allemaal tussen amper 30 en 150 meter hoogte. Dat zegt genoeg.

(Lees verder onder de foto’s)

Soms ruw

Wees gerust: aan heerlijk bollende grindostrades ontbreekt het niet. Maar het losliggend bosmateriaal in de diepe holle wegen zorgt voor ruwe passages. Ook niet te versmaden zijn de beruchte Waals-Brabantse kasseien. Kinderkopjes zo bol als lampen, nooit bedoeld om met een fiets over te dokkeren. Onthoud vooral ‘Rue Bois des Conins’: misschien wel de meest helse kasseiweg van het land. Bos van Wallers in het kwadraat? Gelukkig ligt er langs de randen vaak een smalle grindstrook waar je nét kan ontsnappen.

(Lees verder onder de foto’s)

Traag

Eindeloze kronkels. De kilometers tikken traag weg en putten je uit. Geen snelle gravelroute dus, maar een avontuur. Waarom zó veel draaien en keren? Twee redenen: versnippering van het woud, en privatisering van wat overbleef.

Versnippering? De overblijvende bossen luisteren naar 16 namen: Rondenbos, Bois de Laurensart, Bois de Lauzelle, Bois des Rêves, Bois de la Quenique, Bois de l’Heuchere, Bois de Haute Heuval, Bois de l’Hermitage, Bois de Bachet, Bois d’Hez, Bois de Thy, Bois de Sart des Dames, Bois de Palenthe, Bois de Rixensart, Bois des Templiers, Margijsbos. Daartussen ligt een betonnen jungle van verstedelijking, steenwegen en snelwegen. De route moet dus vaak kronkelen om zoveel mogelijk natuur en zo weinig mogelijk beton mee te nemen.

Privé? Dat woord kwam ik tijdens mijn verkenningen keer op keer tegen. Alsof ik vastzat in een doolhof: keer om, zoek een andere ingang. Frustrerend. Het versnipperde privébezit bleek trouwens het grootste struikelblok voor de opname van deze bosplukjes in het Nationaal Park. De wirwar aan eigenaars veranderde het proces in een bureaucratisch monster. Onderhandelingen sleepten zich eindeloos voort.

Maar Grit! heeft wél doorgezet en de puzzel gelegd.

(Lees verder onder de foto’s)

Verbluffend mooi

Goed, nu iedereen gewaarschuwd is, bereid je voor op verbluffend mooie natuur. De durvers ontdekken de laatste resten van een oerbos: met mos bedekte beuken, reuzenwortels die zich vastklampen aan de flanken van holleweg-kathedralen, verscholen onder de horizon. Grindwegen slingeren over het Brabants plateau, verdwijnend in de verte als een eindeloze achtbaan. Populierenlanen leiden je langs spierwitte vierkantshoeves, monumentaal en sereen. Het voelt als een ontsnapping in een droom.

De ruïnes van de 13e-eeuwse Abdij van Villers, het Habsburgse kasteel van Bousval uit de 16e eeuw, de kapel van Try-au-Chêne uit de 17e eeuw, en het glinsterende Meer van Genval zijn iconische herkenningspunten op de route.

En wie de laatste 20 kilometer haalt, mag het luidop zeggen: ik ben er. Vanaf Tombeek, Overijse en Huldenberg is het vooral vlammen over snelle grindwegen tot de finish aan het station van Pécrot.

(Lees verder onder de foto’s)

Het verhaal achter deze route

Wie wel eens de trein in Leuven neemt, kent de reeks haltes: ‘Leuven, Heverlee, Oud-Heverlee, Sint-Joris-Weert, Pécrot, Florival, Archennes, Gastuche, Basse-Wavre, Wavre, Bierges-Walibi, Limal, Ottignies’. In 2020 tekende ik ze aan elkaar via de versnipperde stukjes woud. In 2023 werden de Brabantse Wouden aan Vlaamse kant (Meerdaalwoud, Zoniënwoud en Hallerbos) erkend als Nationaal Park. Er bestaat een visie om het park over de gewestgrenzen heen uit te breiden.

(Lees verder onder de foto’s)

 

Praktisch

  • Kom je met de trein? Het NMBS-station van Pécrot is het startpunt.
  • Kom je met de wagen? Ter hoogte van Rue Constant Wauters 26 in Pécrot zijn gratis parkeerplaatsen

Bevoorrading

  • Proxy Delhaize in Sart-Messire-Guillaume (op km 39 van de route)
  • Bistro de lAbbey en Chalet de la Forêt aan de Abdij van Villers (km 48)
  • Boulanger Patissier Demaret in Rixensart en Intermarché Rixensart (km 100)
  • Meer van Genval (km 103)

Tips

  • Rijd deze route bij voorkeur met een voldoende lage bandenspanning en/of bredere banden
  • Beste periode: vroege herfst (om evidente redenen), lente (om de prachtige kleuren van paarse hyacinten en witte bosanemonen), en zomer
  • Wie zo’n zware route op één dag niet ziet zitten, kan de route in twee keer rijden. Hier het noordelijke deel, hier het zuidelijke deel.
  • Zin om er meteen een Brabantse Wouden-driedaagse van te maken? Dan kan je ook Grit! Meerdaalwoud erbij nemen. Als je overnacht rond Ottignies of Pécrot, kan je in Pécrot op Grit! Meerdaalwoud inpikken.

 

Kaart