Wie de test van de Acol Impero XP nog even wil nalezen, kan hier terecht: https://grinta.be/getest-acol-impero-xp/
Erfgenaam van een legende
In de wielerwereld klinkt de naam Colnago als een klok die al decennia het ritme van het peloton bepaalt. Dat erfgoed stopt echter niet bij Ernesto, neef Alessandro is ondertussen zijn weg ingeslagen. In 2024 zag Acol het licht: een premium merk geboren uit een ongewone alliantie tussen Alessandro Colnago, die jarenlang in het familiebedrijf werkte, en WIAWIS, een Zuid-Koreaanse specialist in geavanceerde composieten die al dertig jaar topmateriaal levert voor onder andere… boogschieten. Het resultaat is een merk dat bewust kiest voor een familiebenadering, eigen productie en frames die volgens Alessandro ‘superieur’ moeten aanvoelen. In dat verhaal past de Tuscia: een gravelbike die de grens tussen race en avontuur opzoekt, met een frame dat amper 900 gram weegt en toch ruimte biedt voor tassen en banden tot 45 millimeter.

Eerste indruk
Je weet wel, datgene wat je maar een keer kan maken. Voor de ‘Gravelbike-van-het-jaar-verkiezing’ worden eerst alle fietsen gewogen. De eerste keer dat ik de Tuscia in handen heb, is dan ook om hem aan de weeghaak te hangen: 8,41 kilogram is alvast een uitstekende waarde. Het frame, in maat M, is volgens de specificaties 900 gram ongelakt en dat voel je direct wanneer je de fiets optilt of over obstakels heen rijdt.

Maar wat opvalt is niet alleen het lage gewicht; het is ook de manier waarop de lijnen van het frame tot uiting komen. De bovenbuis loopt strak naar de balhoofdbuis, de onderbuis is breed en hoekig, en de achtervorken zijn kort en compact. Het oogt als een racefiets die net iets meer bandenspeling heeft, en precies dat is ook de insteek van Acol: de Tuscia is geen zware bikepacker met veel extra’s, maar een ‘sportieve off-road racer’ die de geometrie van een wedstrijdfiets vertaalt naar een gravelbike.
Geometrie tussen race en avontuur
De geometrietabel van de Tuscia vertelt een duidelijk verhaal. Met een bottom bracket drop van 75 millimeter en een bottom bracket height van 278 millimeter zit het bracket relatief hoog. Tegelijk is de stack laag en de reach compact. De Tuscia lijkt je wel meteen in een voorwaartse en doelgerichte zithouding te positioneren. De cockpit duwt je licht naar voren, de stack houdt je laag, en voor je het goed en wel beseft zit je in een houding die eerder aan een endurance-racefiets doet denken dan aan een klassieke gravelbike.

Het leidt ook tot een stuurgevoel dat direct is, maar niet nerveus. Op asfalt reageert de fiets scherp op elke stuurbeweging; in bochten ligt hij stabiel, zonder dat je constant moet corrigeren. De fiets wil vooruit, reageert scherp en nodigt uit tot tempoversnellingen. Op losser terrein, zoals bospaden met wortels en zand, blijft hij verrassend rustig, mede door de Tufo Gravel Speedero banden die 44 millimeter breed zijn.

Graphene carbon…
Dat staat er te lezen op het frame. Zo’n termen trekken steeds mijn aandacht en prikkelen mijn nieuwsgierigheid. Zoals je wellicht weet, bestaat een carbonframe uit koolstofvezels die in een matrix met hars worden gelegd. Dat hars is de lijm die de vezels aan elkaar houdt. Acol voegt daar graphene aan toe. Volgens Acol verandert graphene de mechanische eigenschappen van het carbon: het beïnvloedt de verhouding tussen vezels en hars, en daarmee de stijfheid en de duurzaamheid van het frame. In de praktijk betekent dat een frame dat niet alleen licht is, maar ook beter bestand tegen impact en vermoeiing door trillingen. Op de weg vertaalt die materiaalkeuze zich in een stijf frame, zeker wanneer je hard doortrapt, in de bochten en tijdens acceleraties. Tegelijk dempt hij fijne trillingen beter dan je zou verwachten van een lichtgewicht frame.
Offroad aerodynamica
Acol spreekt bij de Tuscia niet alleen over lichtgewicht, maar ook over aerodynamica. Op de website benadrukken ze dat de fiets ‘sleek aerodynamics’ behoudt, zelfs met de extra functionaliteit van tassen en opbergruimte. In de praktijk vertaalt zich dat in een onderbuis die breed en vlak is, een balhoofdbuis die strak aansluit en een zadelpen die mooi in de achterbouw overloopt. Het is geen windtunnelproject maar je merkt wel dat er nagedacht is over luchtweerstand.

Van wind kennen we wel een en ander in Vlaanderen. Zelfs bij stevige wind, blijft de Tuscia behoorlijk rustig en voorspelbaar sturen. De combinatie van een relatief smalle voorbouw, een compacte balhoofdbuis en de lage zithouding zorgt ervoor dat de wind minder invloed heeft. Acol combineert hier bewust het race-DNA van de Colnago-familie met de realiteit van gravel: niet alleen licht en stijf, ook efficiënt.
Op asfalt tussen de gravelstroken door wordt dat karakter nog duidelijker. De Tuscia houdt erg makkelijk zijn snelheid vast, alsof je net iets minder weerstand hebt dan je verwacht van een gravelbike op 44 millimeter banden. Dat gevoel wordt versterkt door de strakke integratie van kabels. Wat ons betreft had een combo stuur- en stuurpen het geheel nog fraaier gemaakt.

De Sislent-wielen met hoge velgen daarentegen geven het geheel een wel heel erg gelikt uiterlijk. Sislent is een Spaans merk dat zich volledig richt op handgemaakte carbon wielen voor race, gravel en mountainbike. Kortom, een wielset die helemaal past bij de race-georiënteerde insteek van de fiets: licht, stijf en aerodynamisch, met een focus op efficiëntie en controle.
Beperkt veelzijdig

Toch is de Tuscia meer dan enkel een snelle gravelracer. Bevestigingspunten zijn voldoende aanwezig. Een van de slimste details is het geïntegreerde opbergsysteem in de onderbuis. Acol noemt het een ‘downtube storage system’: een ruimte binnenin het frame waar je gereedschap of reserveonderdelen kunt stoppen, afsluitbaar en beschermd tegen modder en steenslag. Daarbovenop zit er een downtube-protector, een rubberen strip die krassen van steentjes en takken opvangt. Het zijn van die kleine keuzes die tonen dat Acol niet alleen aan de race denkt, maar ook aan de modder en stenen, de realiteit van gravel.
Karakter
Wat de Tuscia uiteindelijk zo bijzonder maakt, is dat hij niet probeert alles te zijn voor iedereen. Acol kiest bewust voor een race-georiënteerde gravelbike, met een licht frame, een strakke geometrie en een focus op snelheid en efficiëntie. Tegelijk laten ze de deur op een kiertje voor avontuur. Zowel vol gas als even gas terugnemen om te genieten, beide zijn mogelijk.

Na een lange dag op de fiets, met kilometers asfalt, grind, bospaden en kasseien, blijft de Tuscia vooral hangen als een fiets met karakter. Hij is licht genoeg om te racen, stijf genoeg om kracht om te zetten in snelheid, en veelzijdig genoeg om je mee te nemen op avontuur. Wanneer je een korte klim aansnijdt of even moet aanzetten uit een bocht, reageert de Tuscia zonder aarzeling.

Comfort komt daarbij niet uit demping in het frame zelf, maar uit hoe slim je met banden en druk omgaat. Iets bredere banden vlakken het pure racekarakter een beetje af, maar het blijft in essentie een behoorlijk sportieve gravelaar. In afdalingen krijg je een verrassend rustig stuurgedrag die je op basis van de eerste indruk niet zou verwachten. Op losse gravel in afdalingen geeft dat vertrouwen, alsof de fiets precies weet waar hij naartoe moet. Ondanks de scherpe geometrie en het directe stuurgedrag blijft de fiets stabiel wanneer de snelheid toeneemt. Hij wordt niet nerveus, eerder meer voorspelbaar naarmate je harder rijdt.

En ondanks al dit fraais, wint de Acol Tuscia niet deze ‘Gravelbike-van-het-jaar-verkiezing’, ook al was het nipt. Ons testmodel verandert van eigenaar voor 6500 euro, dat kost een aantal punten. Het pure gravelrace-karakter wordt niet door iedereen even hard gewaardeerd en de afzonderlijke combinatie stuur en stuurpen kost ook een aantal puntjes.

Maar als je op zoek bent naar een snelle gravelbike die zijn race-DNA niet verschuilt achter comfort en niet al teveel compromissen maakt en daarbovenop niet per dertien in een dozijn over de toonbank gaat, zit je met deze Acol Tuscia meer dan gebeiteld. Of het nu asfalt, ruige gravel of technische afdalingen zijn, de Tuscia blijft dezelfde machine: strak, efficiënt en gericht op snelheid.
Meer info via: www.acol.bike
Gravelbike van het Jaar – Hoe we te werk gaan…
Elk jaar gaan we met onze technische redactie op zoek naar de Gravelbike van het Jaar. De reviews van de podiumfietsen worden gepubliceerd in Grinta! 117, de overige deelnemers verschijnen online in aanloop naar de publicatie van dat magazine.
Om de titel ‘Gravelbike van het Jaar’ toe te kennen, organiseren we een testdag waarop alle juryleden – dit jaar waren dat er acht – alle fietsen vlak na elkaar en op exact hetzelfde rondje uitproberen. Na elke testrit, krijgt een fiets scores op enkele vaste categorieën: stuurgedrag, comfort, veelzijdigheid, aerodynamica, innovatie… De punten worden met een bepaalde coëfficiënt vermenigvuldigd, afhankelijk van de prijsklasse. Hoe lager de prijs, hoe hoger de coëfficiënt. Zo hebben fietsen met een scherpe prijs-kwaliteit een streepje voor en komen niet per se de duurste fietsen het best uit de verf. Tijdens het testen van de fietsen praten de juryleden niet met elkaar over hun ervaringen, om elkaar niet te beïnvloeden. Aan het eind van de testdag worden alle punten samengeteld en discussiëren we samen over de resultaten.
Dit moet je nog weten:
- Merken kiezen zelf of ze een fiets voor de verkiezing insturen of niet. De onderstaande lijst met deelnemende fietsen is niet de uitkomst van een preselectie.
- Een deelnemende fiets mag maximaal € 7000 kosten.
- De testjury is samengesteld uit onze technische redacteurs, aangevuld met enkele ervaren gravelbikers van verschillende pluimage – zowel recreanten als competitiebeesten.
De deelnemers dit jaar:
Merida Mission 9000
Guava ACE Di2
Cube Nuroad C:62 SLX
ACOL Tuscia
Wilier Rave SLR ID2
Giant Revolt Advanced SL2
Ridley ASTR Rival XPLR
Rose Backroad FF Force XPLR AXS
Pinarello Grevil F7


